Een muisklik

Op een zonnige dinsdagmiddag had ik een afspraak met een chique oudere dame bij het Mercure in Zwolle. Vanuit de eerder gevoerde telefoongesprekken wist ik dat zij op zoek was naar een oude vriend die in 1970 vertrokken was naar Zuid Amerika. Bij het Mercure bleek dat ze zelf al verscheidende pogingen ondernomen had om weer in contact te komen met deze meneer, echter zonder resultaat.

Ze overhandigde mij diverse gegevens en de bekende personalia. Zonder enig probleem ging ze akkoord met de formaliteiten zoals de overeenkomst tot het uitvoeren van een recherchedienst en dergelijke. De volgende dag ging ik aan het werk met deze zaak. De betrokkene had gelukkig een niet al teveel voorkomende naam, ik noem hem hier maar even meneer Knotwilg. Nadat ik deze naam en de geboortedatum door de mij ter beschikkingstaande bestanden had gehaald, bleek algauw dat hij daar niet in voorkwam. Dit kon drie dingen betekenen; of de betrokkene staat niet ingeschreven bij een gemeente, of de betrokkene is overleden, of de betrokkene is naar het buitenland vertrokken. Vanwege de mij bekende informatie ging ik vooralsnog uit van het laatste.

Ik besloot vanwege zijn niet veel voorkomende naam allereerst wat naamgenoten in enkele grote steden te bellen. Na een half uurtje bellen leverde dat niets op, bij niemand ging een belletje rinkelen. Tijd voor Google. Toen ik de voornaam en achternaam invoerde in een van de uitgebreidste zoekmachines van het Internet kreeg ik meerdere meldingen die geen van allen iets aangaven waar ik wat mee kon. Tot dat ik een Chat Site over honden tegenkwam. De gewone Link gaf niets, maar toen ik met de muis klikte op “in cache” kreeg ik na zo’n vijftig pagina’s de gezochte naam in beeld. Meneer Knotwilg had twee jaar geleden een Chat bericht achtergelaten op deze Site inclusief zijn e-mail adres.

Omdat de zoekmogelijkheid “in cache” de gezochte termen in kleuren aangeeft, was het niet zo moeilijk om snel de vijftig pagina’s te doorzoeken. In het korte chat bericht gaf meneer Knotwilg aan al jaren in Singapore te wonen. Niet geschoten is altijd mis, dus ik besloot een e-mail te sturen naar deze meneer met de vraag of hij misschien de gezochte persoon was. Ik gaf slechts summier aan wat ik wilde weten.

Na ongeveer drie uur kreeg ik een e-mail terug. Meneer Knotwilg wilde eerst weten wie ik was en waarvoor hij getraceerd diende te worden alvorens te laten weten of hij de gezochte persoon was. Op zichzelf geen vreemde stelling vond ik. Direct daarna mailde ik hem de reden van het onderzoek en enkele gegevens over mij en mijn bedrijf, inclusief een Link naar mijn Site. Dit bleek voldoende te zijn om hem te overtuigen van mijn goede bedoelingen. Hij bleek de gezochte meneer Knotwilg te zijn. Na het uitwisselen van zijn adresgegevens en die van de opdrachtgever zoals eerder besproken, was hij toch wel erg nieuwsgierig over het feit hoe ik achter zijn e-mail adres was gekomen. Ik mailde hem dat ik dat via Google gedaan had, maar later bleek dat hij daar ook zijn naam had ingevoerd maar niets vond wat op een

e-mail adres leek. In een uitgebreide mail legde ik hem het zogenaamde “cache-verhaal” uit waar hij direct mee aan de slag ging om zelf oude vrienden te traceren.

Mijn opdrachtgever was zeer verheugd met de getraceerde meneer Knotwilg en hijzelf was erg blij met de door mij aangedragen tip. Enkele weken later kreeg ik een e-mail van meneer Knotwilg die mij bedankte en liet weten op deze manier al vier oude vrienden gevonden te hebben door slechts de door mij aangegeven ene muisklik.